Was dat nou de VOC-mentaliteit die premier Balkenende zo graag als voorbeeld aanroept, die deze week over Manhattan kwam? Een handjevol Nederlanders glom van trots om in New York te gedenken dat 400 jaar geleden Henry Hudson met zijn schip De Halve Maen voor anker ging voor de kust van Manhattan.
Datum: 11-09-2009 | terug naar het overzicht
In opdracht van de VOC zocht de Engelse avonturier een noordelijke doorgang naar het Verre Oosten, die hij overigens nooit heeft gevonden.
Nu verdrongen tientallen provinciale bestuurders zich om in het kielzog van kroonprins Willem-Alexander en prinses Máxima een graantje van de publiciteit mee te pikken. Friesland liet zich zelfs door zeventien bestuurders vertegenwoordigen. Men zal in Leeuwarden geredeneerd hebben: de VOC stamt uit de tijd van de zeven verenigde provincies en werd door de Heeren Zeventien bestuurd.
Ondanks de recessie en bezuinigingen mocht het promotiefeestje wat kosten, 6 miljoen euro. Dan te bedenken dat de Hollanders indertijd, in 1626, het eiland Manhattan voor 60 gulden kochten van de indianen.
Het was in 1609 trouwens geen uitgemaakte zaak dat Hudson in opdracht van de VOC uitvoer om de noordelijke doorgang naar Azië te vinden.
Hudson was eerder in contact geraakt met Isaac Lemaire, een Amsterdamse koopman die de VOC na een financieel conflict had verlaten en zich ontpopte als een geduchte tegenstander van de Compagnie. Lemaire wilde vrijhandel, geen monopolie van de VOC op de handel met het Verre Oosten. Hij onderhandelde met de koning van Frankrijk over de oprichting van een Franse handelscompagnie en daarbij wilde hij Hudson betrekken.
Toen de VOC van deze Franse plannen op de hoogte raakte, sloot men haastig het contract om Hudson met een VOC-schip uit te zenden.
In 1667, aan het einde van de Tweede Engelse oorlog, was het alweer gedaan met de Nederlandse kolonie op Manhattan. De Vrede van Breda regelde dat de Engelsen en Nederlanders gebieden die ze bezetten, mochten behouden. De Engelsen hadden Manhattan al in bezit genomen; Nederland kreeg Suriname.
Slechte deal? Nee, want Nederland kreeg iets veel kostbaarders in ruil voor Manhattan: het monopolie van de handel op het eiland Run.
Run was het nootmuskaateiland van de Molukken. Nootmuskaat was de waardevolste van alle Aziatische specerijen en Nederland en Engeland hadden ruim vijftig jaar gevochten over het bezit van dit eilandje.
De Hollanders zagen meer winst in de handel in nootmuskaat dan in die van beverhuiden.
NRC Handelsblad
11 september 2009